“Word wie je bent. Word alles wat je bent. Er is nog meer in jou – meer om ontdekken, om te vergeven en om lief te hebben.” Via het Center for Action and Contemplation verschijnen dagelijks meditaties. Deze liggen dicht bij de inhoud van het boek Soulfulness. Om bij te dragen aan een bezield leven, vertaal ik zo nu en dan een meditatie. Deze keer: ‘Worden wie je bent’ van Richard Rohr. Om te overwegen en te delen.

 

Worden wie je bent

Richard Rohr OFM

Van de Zwitserse psychotherapeut Carl Gustav Jung (1875-1961) heb ik veel geleerd. Jung verbond praktische theologie met goede psychologie. Hij was absoluut geen vijand van religie, ik zou hem zelfs een mysticus willen noemen. Later in zijn leven, toen aan hem werd gevraagd of hij ‘geloofde’ in God, zei Jung: ‘Ik zou niet kunnen zeggen dat ik geloof. Ik weet het! Ik heb de ervaring gehad dat ik ben gegrepen door iets dat sterker is dan ikzelf, iets dat mensen ‘God’ noemen.’ [1]

Wel vond Jung dat het christendom bijdroeg aan een breuk – een onoverbrugbare kloof – tussen God en de ziel, door de te grote nadruk die er werd gelegd op uiterlijke rituelen en een rationeel geloof in plaats van de innerlijke ervaring en innerlijke verandering. De theologie in het christelijk geloof vond hij wel behulpzaam (voor Jung diende Jezus als het centrale archetype die ‘de het verborgen, onbewuste bodemleven van ieder individu’ openbaarde en symbool stond voor ‘de karakteristieke stervende en zichzelf transformerende God’ [2], maar de psychologie en antropologie waren onderontwikkeld. Jung was gedesillusioneerd door zijn eigen vader en zes ooms, die allemaal Zwitserse gereformeerde predikanten waren en die hij zag als ongelukkig en niet-geïntegreerd. Jung zei kortweg over het christendom: ‘Het werkt niet in het echte leven!’ [3]

Een heilige kan Jung niet worden genoemd. Hij had heel wat affaires en flirtte kortstondig met het nazisme. Zijn verleden kende hoogte- en dieptepunten – maar geldt dat niet voor ons allemaal? Niettemin leidden zijn grote misstappen er bij hem toe dat hij zijn schaduwzelf, dat verborgen ligt in ons persoonlijke onbewuste en dat vervolgens wordt geprojecteerd op anderen, te herkennen en genezen.

De blik waarmee we naar ons eigen onbewuste kijken, is de blik waarmee we naar de wereld kijken. Lees dat nog eens! Zoals Jezus zei: ‘Het oog is de lamp van het lichaam’ (Matteüs 6:22). Mensen die zichzelf aanvaarden, aanvaarden anderen. Mensen die zichzelf haten, haten anderen. Alleen het Goddelijke Licht maakt het mogelijk en geeft ons de vrijheid en de moed om de weg naar de diepten van onze ziel af te leggen en onze schaduw te ontmoeten.

Voor Jung is het archetype God de heelmakende werking van de ziel. Het is het deel van jou dat altijd meer wil, maar niet in een begerige zin. God is de innerlijke energie die alles bezielt en zegt: ‘Word wie je bent. Word alles wat je bent. Er is nog meer in jou – meer om ontdekken, om te vergeven en om lief te hebben.’ Jungiaanse analytisch psychologen noemen dergelijke groei en wording ‘individuatie’. Ik zie dit graag als een beweging richting het verlangen om te leven in plaats van te sterven. De levensdrift leert ons om niet te fragmenteren, te versplinteren, te splijten, maar een te worden en overal van te leren; terwijl het ego zich beweegt in de richting van verkramptheid, scheiding of ‘zonde’. Het archetype God is eenvoudig gezegd ‘liefde aan het werk’ en roept ons op tot een diepere eenheid met ons Ware Zelf, met anderen en met God.

In de reis naar psychische heelheid benadrukte Jung de noodzakelijke rol van religie of het archetype God voor het integreren van de tegenstellingen [4], waaronder het bewuste en het onbewuste, de Ene en het vele, het goede (door het te omarmen) en het kwade (door het te vergeven), het vrouwelijke en het mannelijke, het lagere zelf en het Hogere Zelf. Met Zelf met een hoofdletter Z bedoelde Jung de diepste kern van de psyche/ziel dat een is met het Goddelijke. En, als ik hem goed begrijp, wordt dit Zelf gedeeld. Het Zelf is een, en daar hebben we allemaal deel aan, zoals ook veel mystici hebben benadrukt. Ik zou dit het Ware Zelf noemen, het Christus Zelf, of als dat beter bij jou past, het Boeddha Zelf, dat geleerd heeft om bewust in verbinding te blijven met de Aanwezigheid in ons (Johannes 14:17).

Dit is een vertaling van ‘Becoming Who You Are’, geschreven door Richard Rohr OFM. De tekst verscheen als meditatie via het Center for Action and Contemplation op 9 september 2019. Klik hier voor de Engelstalige meditatie.

 

Referenties

[1] C.G. Jung (1995), geciteerd in ‘The Old Wise Man’. Time 65 (7), 64.

[2] C G. Jung (1969), Psychology and Religion: West and East. Trans. R.F.C. Hull, 2nd ed. Princeton: Princeton University Press, 89.

[3] Zie voor selecties uit het werk van Jung met betrekking tot zijn relatie tot het christendom, zijn psychologische benadering van de theologie en zijn interpretatie van de geschiedenis van het christendom: C.G. Jung (1999), On Christianity, ed. Murray Stein. Princeton: Princeton University Press.

[4] In Jungs eigen woorden [poging tot vertaling, MS]: ‘Alle tegenstellingen komen van God, daarom moeten [individuen] zich buigen voor deze last; en door dat te doen ontdekken zij dat God in (…) ‘tegenstellingen’ bezit van [hen] heeft genomen, dat God zelf in [hen] is geboren. [Iedere persoon] wordt een vat, gevuld met goddelijk conflict.’ Psychology and Religion 1969, 416. [Het oorspronkelijke citaat: “In Jung’s own words, “All opposites are of God, therefore [individuals] must bend to this burden; and in so doing find that God in . . . ‘oppositeness’ has taken possession of [them], incarnated [Godself] in [them]. [Each person] becomes a vessel filled with divine conflict.”]

Worden wie je bent